056.
Bijbelstudie over
DE LAATSTE DAGEN - ACHARIT HAYAMIM
,ymyh tyrxa
Als wij door de jaren heen op het journaal en in de
dagbladen de berichtgevingen over de uitbarstingen van steeds weer opvlammend
geweld in het Midden-Oosten op de voet volgen, dan zullen wij al gauw tot de
conclusie komen dat hier geen sprake is van een etnisch conflict dat
vergelijkbaar is met Ruanda, Bosnië of Sri Lanka,
maar dat hier méér aan de hand is! Wat hier gebeurt, staat in de Bijbel! Dit
conflict is reeds duizenden jaren aan de gang en het hoeft ons niet te verbazen
dat Israël door de vaak eenzijdige berichtgeving in de doorgaans
pro-Palestijnse media steeds weer de zondebok is waardoor de publieke opinie
wereldwijd in toenemende mate een anti-Israëlisch standpunt begint aan te
nemen! Ik zal slechts een paar voorbeelden noemen. Denk bijvoorbeeld aan
het jongetje Mohammed Durah die schuilend achter zijn vader door
Israëlische soldaten zou zijn doodgeschoten toch naar achteraf door Palestijns
vuur bleek te zijn geraakt, maar die nog steeds keer op keer genoemd wordt als
voorbeeld van Israëlisch geweld tegen de Palestijnse burgerbevolking of de
verontwaardiging over de zogenaamde 'duizenden' slachtoffers in Jenin, wat behoorlijk aangedikt was. Als dan later blijkt dat de
berichtgeving niet klopt wordt er niet of nauwelijks gecorrigeerd. En herinnert
u zich ook nog de wereldwijde afkeuring van het Israëlische grondoffensief
tegen Hamas op de Gaza-strook in januari 2009 en de
daaraan voorafgaande hevige bombardementen waarbij de Palestijnen bij voorbaat
beschouwd werden als de slachtoffers? De westerse pers bracht dit met de toen
aankomende Israëlische verkiezingen in verband, maar verzweeg aanvankelijk in
alle talen dat dit offensief een reactie was op de aanhoudende raketbeschietingen
op Israëlische steden zoals o.a. Sderot vanuit de
Gaza-strook, die reeds op de kerstavond 2008 begonnen. Pas veel later kwam dit
aan het licht. Desalniettemin spraken de media over buitenproportioneel geweld
van de Israëlische kant en maakten melding van ongekend hoge aantallen
burgerslachtoffers, waarbij ze volgens de Israëlische autoriteiten echter ten
onrechte ook de omgekomen Hamas-strijders rekenden, wat uiteraard van
Palestijnse zijde ontkend werd. Daar bleef men volhouden dat alle slachtoffers
onschuldige burgers waren. Het eerste slachtoffer dat in deze strijd sneuvelde
was in elk geval de waarheid, want die zal wel nooit meer naar boven komen. Wie
zou kunnen zeggen wie er burgers waren of Hamas-leden? De
laatstgenoemden lopen immers ook in gewone kleding rond. Terroristen zijn ook
burgers. Zij dragen doorgaans geen uniform. Bovendien neemt ook een toenemend
aantal vrouwen actief deel aan de strijd met het maken van bommen en zelfs als
zelfmoordterroristen. In de VPRO-documentaire “Bruiden van Allah” kwam dit uitgebreid naar voren. En als ze dan omkomen wordt er
gezegd: Kijk, de Israëli’s schieten op onschuldige burgers. Wie zegt dus dat er
slechts een handjevol Hamas-terroristen door de Israëlische
bombardementen zou zijn omgekomen, maar dat de overgrote meerderheid van de
slachtoffers onschuldige burgers zijn geweest? Wie zegt dat? Hamas! Is Hamas een betrouwbare bron van informatie
hieromtrent? Ik dacht het niet! De burgerslachtoffers hadden echt geen pasje op
zak waaruit blijkt of ze wel of geen terrorist waren. Nee, ik denk dat er
waarschijnlijk meer Hamas-leden omgekomen waren dan Hamas lief is, maar dat zal je in de westerse media zeker niet
bevestigd zien, want die geven er de voorkeur aan om in grote krantenkoppen te
vermelden dat de Israëli’s op grote schaal onschuldige burgers doden en op het
nieuws worden bloedende slachtoffers getoond in het overigens door Israël
gebouwde Shifa-ziekenhuis in Gaza, maar dat ook talrijke
Palestijnse zwaargewonden juist naar Israëlische ziekenhuizen worden gebracht,
waar geen onderscheid gemaakt wordt naar ras, geloof of nationaliteit en een
uitstekende medische behandeling krijgen, wordt doorgaans verzwegen. Ook aan
het feit dat Hamas op grote schaal de hulpgoederen steelt,
die de VN en het Rode Kruis de Gazastrook binnen brengen, die dan verdeelt
onder de eigen Hamas-mensen en de rest aan de hoogste bieder
verkoopt, werd in de westerse pers weinig aandacht besteed of hooguit afgedaan
met een piepklein berichtje. Dit in tegenstelling tot het Israëlische dagblad
The Jerusalem Post, die het uitgebreid aan de kaak gesteld heeft dat de armsten
onder de Palestijnse bevolking, die de hulp het hardst nodig hadden, op die
manier verstoken bleven van hulp. Dat werd bevestigd door een woordvoerder van
het Israëlische leger alsmede door het VN-agentschap voor Palestijnse
vluchtelingen UNRWA. Meer dan honderd vrachtwagens met hulpgoederen werden door
Hamas aangehouden nadat ze in Gaza waren
gearriveerd, waarna de complete lading door zwaargewapende Hamas-leden in beslag werd genomen en de vrachtwagenchauffeurs
gesommeerd werden te vertrekken. Ook roofden politieagenten van Hamas met geweld ruim vierhonderd voedselpakketten en 3500 dekens uit
een opslagplaats van UNRWA in Gaza. Zo kan ik nog wel een tijdje doorgaan met
voorbeelden waaruit blijkt dat er in de westerse media met twee maten gemeten
wordt, want terwijl het bovenstaande door de meeste kranten niet eens een
vermelding waard bevonden werd en ook op de televisie niet aan de orde kwam,
werd er in het journaal en in lange artikelen met megagrote koppen ruimschoots
aandacht besteed aan het tegenhouden van hulpkonvooien en schepen met
hulpgoederen door het Israëlische leger. Dat ze later na grondig op wapens
gecontroleerd te zijn alsnog mochten doorrijden en de hulpgoederen dus niet
door de Israëli’s maar door de Hamas gestolen werden deed er niet toe, want toch bleven de media steen en been klagen dat Israël de
humanitaire hulp aan de Gazastrook beperkte. Pas veel later konden ook de westerse media
de wantoestanden van Palestijnse zijde niet langer verzwijgen en moesten er
uiteindelijk toch melding van maken. Toch over het feit dat er in november 2008 door Hamas onder het gejuich van een grote menigte in het openbaar bij
zestig politieagenten van de PLO met bijlen hun beide benen werden afgehakt,
die dan bij de grens met Israël werden gedropt, is er in de westerse pers niets
bericht, met uitzondering van het maanblad Israël Actueel en een column van
professor van Smalhout in de Telegraaf. In datzelfde artikel schrijft hij dat
het verzwijgen hiervan niet zo vreemd is omdat het bij ons nogal gebruikelijk
is dat er op het nieuws alleen maar Palestijnse
slachtoffers worden getoond van Israëlisch geweld, meestal vrouwen en
kinderen. Daarom staat Israël nu geboekt als een land dat kinderen vermoord, maar dat deze
kinderen door de Hamas-terroristen als menselijk
schild gebruikt werden schijnen de journalisten daarentegen vrij normaal te
vinden, want een afkeuring van deze laffe praktijk komt men nauwelijks tegen in
de media en evenmin wordt daartegen massaal gedemonstreerd in de Europese
hoofdsteden. Bovendien kun je natuurlijk ook afvragen wat kinderen überhaupt op
straat te zoeken hadden waar met scherp werd geschoten, te meer als de
Israëli’s daar van tevoren pamfletten hadden gedropt waarin ze de
burgerbevolking waarschuwden. Liefhebbende ouders met een beetje
verantwoordingsgevoel halen hun kinderen immers naar binnen als er buiten
gevochten wordt. Dat Hamas vrouwen, kinderen en
ouderen gebruikte als menselijke schilden, werd overigens door een leider van
deze terreurbeweging zelf bevestigd. Zie daarvoor het volgende filmpje. http://www.youtube.com/watch?v=g0wJXf2nt4Y.
Een ander voorbeeld is de berichtgeving over de zogenaamde Tweede Intifada na het bezoek van Ariyel Sharon, de toenmalige minister van Defensie van Israël,
aan de Tempelberg in Jeruzalem op 28 september 2000, twee dagen voor Rosh haShana. De Tempelberg is de heiligste plaats in het
Jodendom, waar zich echter ook de Al-Aqsa moskee bevindt, de 3de heiligste plaats van de Islam. Vanwege dit
bezoek van Sharon aan de Tempelberg braken er
massale Palestijnse demonstraties uit, waarbij de Israëlische politie 13
Palestijnen neerschoot. Gewelddadige reacties volgden en een spiraal van geweld
barstte los waarbij van 29 september 2000 (Erev Rosh haShana) tot en met 30 juli 2005 972 Israëliërs (waaronder 122 kinderen) en
3301 Palestijnen (waaronder 653 kinderen) de dood vonden. Vele tienduizenden
mensen raakten gewond en soms invalide. Het begon allemaal op de tempelberg in
Jeruzalem (hoe kan het ook anders?) en natuurlijk uitgerekend weer gedurende de
herfstfeesten Rosh haShana, Yom Kipur en Sukot, zoals
reeds eerder het geval was. Ook veel kinderen namen deel aan de gevechten, die
door twee stuurgroepen werden gecoördineerd, waarin zeker tien Palestijnse
organisaties waren vertegenwoordigd, waaronder de terreurorganisatie Hamas, en die beslist niet toevallig gevoerd werden in
bijbelse plaatsen zoals Beit Lechem [Bethlehem],
in het Arabisch Bayt Lahm, Sh’chem [Sichem], in het Arabisch Nablus, Chevron
[Hebron] in het Arabisch Al Chalil en uiteraard Yerushalayim [Jeruzalem], in het Arabisch Al Quds! Evenmin toevallig werden juist in de nabij
Bethlehem gelegen stad Ramallah, hetgeen in het
Arabisch “Allah is groot” betekent, de twee
Israëlische reservisten gelyncht en in stukken gehakt, want reeds Jeremia heeft
over deze stad, die in het Hebreeuws Rama heet,
geprofeteerd: “Zo zegt de Eeuwige: Hoor,
te Rama klinkt een klacht, bitter geween: Rachel weent om haar kinderen, zij weigert zich te
laten troosten over haar kinderen, omdat er geen meer is.” (vhymry Yir’m’yahu [Jeremia] 31:15). B’rit haChadasha [het Nieuwe Testament] herhaalt deze profetie in
verband met de kindermoord door Herodes na de geboorte van Yeshua: “Een stem is te Rama
gehoord, geween en veel geklaag: Rachel, wenend
om haar kinderen, weigert zich te laten troosten, omdat zij niet meer zijn.”
(vhyttm Matityahu [Matthéüs] 2:18). Voornaamste doelwitten van Palestijnse aanvallen waren
daarom vanouds
ook Joodse heilige plaatsen zoals het graf van Rachel,
en het graf van Yosef [Jozef], waarin de rabbijn Lieberman werd gelyncht en die vervolgens volledig
verwoest en tot moskee omgebouwd werd! Dat de media voornamelijk stenengooiende
kinderen en met zware wapens schietende Israëli’s uitgebreid in beeld brachten,
leverde helaas de indruk van een ongelijke strijd op. En toch waren ook op het
juiste formaat gehakte en puntig geslepen stenen dodelijke wapens en beslist
niet hun enige wapens! Met name de leden van Tanzim,
de Fatach-jeugdmilitie, beschikten over moderne
automatische wapens zoals AK-47 en M-16 en geprepareerde benzinebommen. Dat
maakte het voor de Israëlische soldaten extra moeilijk, want zij mochten
slechts terugschieten als de Palestijnen het vuur éérst openen, en dan ook
alleen maar op de benen! Maar gericht schieten op schutters in een snel
bewegende menigte, waaronder zich ook nog kinderen bevinden was niet eenvoudig!
Helemaal niet schieten daarentegen betekende echter dat men door die menigte
gelyncht wordt als ze je te pakken krijgen, wat inmiddels is gebleken. En zo
waren het jammer genoeg niet altijd Palestijnse schutters of werpers van
Molotov-cocktails die werden geraakt, maar helaas ook kleine stenengooiertjes.
Kinderen wilden niet voor elkaar onder doen en namen daarom massaal deel aan de
gewelddadigheden om niet een voorwerp van spot te worden op school of in de
buurt. Doordat ze kleiner zijn dan volwassenen, lopen kinderen extra risico’s
om door op dijhoogte afgeschoten rubberkogels geraakt te worden, en juist dát
levert Israël het slechte imago op, dat de publieke opinie zo drastisch
beïnvloedt. Begrijp mij goed: wij hoeven uiteraard niet alles goed te keuren
wat Israël doet, want aan beide kanten worden immers wreedheden begaan, wat
tegenwoordig door de video-opnames die door vredesactivisten gemaakt worden,
duidelijk aangetoond wordt. Ook de Joden maken fouten en daarvoor hoeven wij
onze ogen niet te sluiten, maar zij zijn wél G’ds volk! Laten wij dat nooit
vergeten! Bovendien worden Israëlische militairen die zich misdragen doorgaans
wel door hun eigen militaire rechtbank daarvoor gestraft, wat van de
tegenpartij niet gezegd kan worden. Hoe dan ook, het ziet ernaar uit dat de
hele wereld bij dit conflict betrokken raakt, want overal steekt nu het
antisemitisme weer de kop op en zelfs in landen en steden waar men het na de
Holocaust niet meer voor mogelijk had gehouden gaan weer synagogen in vlammen
op, vooral in Frankrijk en België, worden Joodse gebouwen beklad of vernield en
Joodse medeburgers worden bedreigd of aangevallen. Ook in Amsterdam staan al
sinds enkele jaren Marokkaanse knokploegen in de buurt van synagogen klaar om
Joden in elkaar te slaan die op Shabat naar de
sjoel gaan zonder dat er extra veiligheidsmaatregelen worden getroffen zoals
bijvoorbeeld in Rome wel gedaan wordt. Joden durven in vele landen waar ze zich
tot nu toe veilig gevoeld hebben, niet meer met een keppeltje op straat te
lopen uit angst, lastig gevallen te worden. Overal is men nu bang voor
aanslagen van radicale moslims, en die angst is sinds die bewuste 11 september
niet ongegrond want de eerste doden zijn hierbij inmiddels al te betreuren
zoals in Parijs en Antwerpen!!
Steens
des aanstoots
Jeruzalem schijnt inderdaad voor alle volken de
steen des aanstoots te zijn geworden, zoals de profeet Zacharia reeds duizenden
jaren geleden heeft voorspeld: “G’dsspraak, het woord van Adonai, over Israël. Aldus luidt het woord van de Eeuwige, die de
hemel uitspant en de aarde grondvest, en de geest des mensen in diens binnenste
formeert. Zie, Ik maak Yerushalayim
[Jeruzalem] tot een schaal der
bedwelming voor alle volken in het rond; ja ook tegen Yehuda [Juda] zal het gaan bij de belegering van Yerushalayim. Te dien dage
zal Ik Yerushalayim maken tot een
steen, die alle natiën moeten heffen; allen die hem heffen, zullen zich
deerlijk verwonden. En alle volkeren der aarde zullen zich daarheen
verzamelen.” (hyrkz Zechar’ya [Zacharia] 12:1-3). In “Het Boek” staat het
nog duidelijker: “Dit is het lot van
Israël, zoals is aangekondigd door de Eeuwige, die de hemel heeft uitgespannen
en de fundamenten van de aarde heeft gelegd en de geest van de mens in hem
heeft gelegd: Ik zal Jeruzalem en Juda als een beker gif laten zijn voor alle
omringende volken die hun legers sturen om Jeruzalem te omsingelen. Jeruzalem
zal een zware steen zijn die als een last op de wereld ligt. Al zullen alle
volken ter wereld zich verenigen in een poging haar te verwijderen, toch zullen
zij allemaal door haar worden verpletterd!” - Voor een deel is deze
profetie reeds in vervulling gegaan door de negatieve houding die de Verenigde
Naties aangenomen hebben tegenover de regering in Jeruzalem. De volgende stap
kan dus het zenden van een internationale troepenmacht tegen Israël zijn, zoals
destijds in de Golfoorlog en de Balkanoorlog het geval was. En dan treedt ook
het tweede gedeelte van de profetie in werking. Dan zal echter blijken dat men
niet alleen tegen Israël ten strijde trekt, maar ook tegen de G’d van Israël! In
“Het Boek” lezen wij namelijk verder: “Op die dag, zegt de Eeuwige, zal IK
alle vijandelijke troepen die tegen haar oprukken, in verwarring brengen en
krankzinnig maken. Want IK zal waken over Juda, maar al haar vijanden blind
maken. Dan zullen de leiders van Juda bij zichzelf zeggen: De bevolking van
Jeruzalem heeft kracht ontvangen van de Eeuwige van de hemelse legers, hun G’d!
Die dag zal IK de leiders van Juda
laten zijn als een klein vuurtje dat een bosbrand veroorzaakt, als een fakkel
bij een hooiberg. Alle aangrenzende naties links en rechts zullen zij verteren,
terwijl Jeruzalem niet van haar plaats zal wijken. De Eeuwige zal eerst de rest
van Juda de overwinning schenken en Jeruzalem daarna. Want Hij wil voorkomen
dat de bevolking van Jeruzalem en Davids vorstenhuis zichzelf op de voorgrond
zullen plaatsen. Die dag zal IK
Jeruzalems inwoners beschermen. De zwaksten onder hen zullen zo sterk als
koning David zijn! En Davids vorstenhuis
zal zijn als G’d, als de Engel van de Eeuwige die voor hen uit gaat. Want IK ben van plan alle volken die tegen
Jeruzalem oprukken, te vernietigen!!!” (hyrkz Zechar’ya [Zacharia] 12:4-9). - Zo
ver is het nu nog niet, maar deze dag is wel dichtbij genoeg om
ons te laten realiseren dat wie aan Israël, G’ds oogappel, komt, met Hem
persoonlijk te maken krijgt! Het is dus van groot belang om nu een keuze te
maken aan welke kant wij gaan staan! Sterker nog: er zal een tijd komen dat men
er gewoon niet onderuit komt om te kiezen: óf wij kiezen voor de Eeuwige en dus
óók voor Zijn volk Israël - óf wij kiezen voor Hamas
en Hizbollah en daarmee dus voor de radicale Islam! Dat is het namelijk waar het uiteindelijk om
gaat! Het gaat er helemaal niet om welk volk dat strookje land tussen de
Middellandse Zee en de Jordaan opeist, maar voor welke hogere macht men het
claimt: voor de G’d van Israël of voor Zijn tegenstander! Het is dus op de
eerste plaats een geestelijke strijd, en deze strijd is niet van recente datum
maar is reeds duizenden jaren aan de gang, lang vóórdat de Islam als religie in deze regio was ontstaan! Als men
de Arabische naam voor “Palestijn” weet, namelijk “Filistin”,
dan wordt het meteen al een stuk duidelijker! Ik heb daar een aparte
bijbelstudie over geschreven, namelijk nr. 025. Luister maar goed naar het
journaal op de televisie, wanneer men daar in het Arabisch praat, dan komt u
dit woord telkens weer tegen. Men heeft hier dus weliswaar niet zo zeer met de
fysieke, maar wel met de geestelijke nakomelingen van de Filistijnen te maken,
vanouds de aartsvijanden van de Israëlieten, en daarom lost men dit conflict
ook niet zomaar op met een paar handtekeningen in Camp David of Oslo, die
sowieso al niet gerespecteerd worden door de extremisten aan beide kanten.
Neen, de echte definitieve vrede in het Midden-Oosten komt maar op één enkele
manier: door de tussenkomst of beter gezegd de wederkomst van de Mashiach [Messias], want er staat geschreven: “Dan zal IK de Geest van genade en van
gebeden uitstorten over Davids vorstenhuis en de bevolking van Jeruzalem. En
zij zullen Hem zien, Die zij hebben doorstoken, en over Hem rouwen als over een
enig kind! Zij zullen bitter bedroefd zijn en over Hem rouwen als over hun
oudste zoon!” (hyrkz Zechar’ya [Zacharia] 12:10). De
overlevenden van Israël zullen ten dien dage collectief vervuld worden met Ruach haQodesh [de Heilige Geest] en zij zullen Yeshua herkennen en erkennen als de Mashiach die zij eerst hebben verworpen en hun spijt
over deze fatale vergissing betuigen. Niet alleen in Jeruzalem, maar in het
hele land, wat uit de daaropvolgende verzen en hoofdstuk 13 duidelijk blijkt.
Alle vormen van afgoderij zullen verwijderd worden en in vers 9b lezen wij
tenslotte: “Zij zullen Mijn Naam
aanroepen en IK zal hen verhoren. IK zeg: Dát is Mijn volk; en zij zullen zeggen: De
Eeuwige is onze G’d!” - Wat een
heerlijke vooruitzicht! Dit zal de dag zijn waarop miljoenen gelovigen reeds eeuwenlang wachten:
de dag dat Yeshua haMashiach, terug zal komen
om Zijn volk te verlossen: letterlijk en figuurlijk!
De
grote verdrukking
Maar helaas leert de Bijbel ons ook, dat dáár nog
heel wat bloedvergieten aan vooraf zal gaan: “Tweederde van het volk Israël zal worden uitgeroeid en sterven,
maar éénderde zal in het land overblijven. Dat overgebleven deel zal IK in het
vuur houden en zuiveren, zoals men zilver en goud zuivert in de vlammen.” (hyrkz Zechar’ya [Zacharia] 13:8-9, nog steeds uit “Het
Boek”). “Pas op, want de dag van de
Eeuwige komt snel naderbij! Die dag zal de Eeuwige alle volken bij elkaar
brengen om te vechten tegen Jeruzalem. De stad zal worden ingenomen, de huizen
geplunderd, de buit binnen de stadsmuren verdeeld en de vrouwen verkracht. De
helft van de bevolking zal als slaaf worden weggevoerd, terwijl de andere helft
achterblijft in wat over is van de stad” (hyrkz Zechar’ya [Zacharia] 14:1-2). Niet-joodse lezers zullen bij het lezen hiervan
misschien denken: “Het is natuurlijk wel verschrikkelijk wat Israël nog
allemaal te wachten staat voordat de Messias komt, maar wat hebben wij
gelovigen uit de volken daarmee te maken? Waarom zouden wij in deze strijd
partij voor Israël moeten trekken?” Welnu! De gelovigen uit de volken hebben er
alles mee te maken, en het is een grote vergissing om te veronderstellen dat in
de eindtijd alleen maar de Joden door de grote verdrukking zouden heen moeten!
Lees maar Matthéüs 24: “En Yeshua ging de tempel uit en vertrok. En zijn talmidim [discipelen]
kwamen tot Hem om Hem op de gebouwen van de tempel te wijzen. En Hij antwoordde
en zeide tot hen: Ziet gij dit alles niet? Voorwaar, Ik zeg u, er zal hier geen
steen op de andere gelaten worden, die niet zal worden weggebroken. Toen Hij op
de Olijfberg gezeten was, kwamen Zijn discipelen alleen tot Hem en zeiden: Zeg
ons wanneer zal dat geschieden, en wat is het teken van Uw komst en van de
voleinding der wereld? En Yeshua antwoordde en zeide tot hen: Ziet toe, dat niemand u
verleide! Want velen zullen komen onder Mijn naam en zeggen: Ik ben de Mashiach [Messias], en zij
zullen velen verleiden. Ook zult gij horen van oorlogen en van geruchten van
oorlogen. Ziet toe, weest niet verontrust; want dat moet geschieden, maar het
einde is het nog niet. Want volk zal opstaan tegen volk, en koninkrijk tegen
koninkrijk, en er zullen nu hier, dan daar, hongersnoden en aardbevingen zijn.
Doch dat alles is het begin der weeën. Dan zullen zij u overleveren aan
verdrukking en zij zullen u doden, en gij zult door alle volken gehaat worden
om Mijns naams wil. En dan zullen velen ten val komen en zij zullen elkander
overleveren en elkander haten. En vele valse profeten zullen opstaan en velen
zullen zij verleiden. En omdat de wetsverachting toeneemt, zal de liefde van de
meesten verkillen. Maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden. En
dit evangelie van het Koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een
getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde gekomen zijn. Wanneer gij dan
de gruwel der verwoesting, waarvan door de profeet Daniël gesproken is, op de
heilige plaats ziet staan (in een
recentelijk gevonden Hebreeuwse handschriftelijke versie staat: “in
de heilige plaats”) - wie het leest,
geve er acht op - laten dan wie in Yehuda
[Judea] zijn, vluchten naar de bergen. Wie op het dak is, ga niet naar beneden
om zijn huisraad mede te nemen, en wie in het veld is, kere niet terug om zijn
kleed mede te nemen. Wee de zwangeren en de zogenden in die dagen. Bid, dat uw
vlucht niet in de winter valle en niet op een Shabat. Want er zal dan
een grote verdrukking zijn, zoals er niet geweest is van het begin der wereld
tot nu toe en ook nooit meer wezen zal! En indien die dagen niet ingekort
werden, zou geen vlees behouden worden; doch ter wille van de uitverkorenen
zullen die dagen worden ingekort. Indien dan iemand tot u zegt: Zie, hier is de
Mashiach
[Messias], of: Hier, gelooft het niet. Want er zullen valse messiassen en valse
profeten opstaan en zij zullen grote tekenen en wonderen doen, zodat zij, ware
het mogelijk, ook de uitverkorenen zouden verleiden. Zie, Ik heb het u
voorzegd. Indien men dan tot u zegt: Zie, Hij is in de woestijn, gaat er niet
heen; zie, Hij is in de binnenkamer, gelooft het niet. Want gelijk de bliksem
komt van het oosten en licht tot het westen, zo zal de komst van de Zoon des
mensen zijn. Waar het aas is, daar zullen de gieren zich verzamelen. Terstond
na de verdrukking dier dagen zal de zon verduisterd worden en de maan zal haar
glans niet geven en de sterren zullen van de hemel vallen en de machten der
hemelen zullen wankelen. En dan zal het teken van de Zoon des mensen
verschijnen aan de hemel en dan zullen alle stammen der aarde zich op de borst
slaan en zij zullen de Zoon des mensen zien komen op de wolken des hemels, met
grote macht en heerlijkheid. En Hij zal Zijn engelen uitzenden met luid shofargeschal [bazuingeschal] en zij zullen Zijn uitverkorenen
verzamelen uit de vier windstreken, van het ene uiterste der hemelen tot het
andere. Leert dan van de vijgenboom deze les: Wanneer zijn hout reeds week
wordt en de bladeren doet uitspruiten, weet gij daaraan, dat de zomer nabij is.
Zo moet ook gij, wanneer gij dit alles ziet, weten, dat het nabij is, voor de
deur. Voorwaar, Ik zeg u, dit geslacht zal geenszins voorbijgaan, voordat dit
alles geschiedt. De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden
zullen geenszins voorbijgaan. Doch van die dag en van die ure weet niemand, ook
de engelen der hemelen niet, ook de Zoon niet, maar de Vader alleen. Want zoals
het was in de dagen van Noach, zo zal de komst van de Zoon des mensen zijn. Want zoals
zij in die dagen voor de zondvloed waren, etende en drinkende, huwende en ten
huwelijk gevende, tot op de dag, waarop Noach in de ark ging, en zij niets bemerkten, eer de zondvloed
kwam en hen allen wegnam, zo zal ook de komst van de Zoon des mensen zijn. Dan
zullen er twee in het veld zijn, één zal aangenomen worden en één achtergelaten
worden; twee vrouwen zullen aan het malen zijn met de molen, één zal aangenomen
worden, en één achtergelaten worden. Waakt dan, want gij weet niet, op welke
dag Adonai komt.” (vhyttm Matityahu [Matthéüs]
24:1-42).
Wanneer
zal dat geschieden?
Yeshua zegt hier zelf, dat niet alleen het
volk Israël door de grote verdrukking heen moet en door alle volken der aarde
zal worden aangevallen, maar dat uiteindelijk álle gelovigen zwaar vervolgd
zullen worden. Joden en gelovigen uit de volken zitten wat dat betreft in
hetzelfde schuitje, en dat is ook logisch omdat ik reeds eerder heb aangehaald
dat we hier op de eerste plaats te maken hebben met een geestelijke strijd, die
zowel in de hemelse gewesten alsook op aarde uitgevochten wordt. Deze strijd
begint al in ty>arb B’reshit [Genesis] en daar komt pas in ]vyzx Chizayon [Openbaring] een einde aan! Hoe deze strijd
voor óns afloopt hangt er van af, of wij een levende relatie met Yeshua hebben en vol
verwachting naar Zijn spoedige komst uitkijken, maar ook welke houding wij
aannemen ten opzichte van Israël en het Joodse volk. Gaarne wil ik u nogmaals
erop wijzen dat Yeshua niet los verkrijgbaar is! Men kan niet in de G’d van
Israël geloven en ook geen ware volgeling van de Joodse Messias zijn als men
onverschillig of zelfs afwijzend staat tegenover Zijn volk Israël. Als u denkt
dat men u met rust zal laten als u zich óók tegen Israël keert samen met de
grote massa, of als u zich in deze zaak neutraal opstelt, dan houdt u zichzelf
voor de gek! Het volk Israël is sinds mensen heugen het mikpunt van haat, spot,
hoon, afwijzing, vernedering en agressie juist omdat het G’ds volk is, Zijn
uitverkoren volk! En als de Gemeente, die uit de gelovigen van alle volken
samengesteld is, zich er eveneens op beroept het volk van G’d te zijn, dan zal
ook zij dezelfde lijdensweg moeten gaan en ook ernstig rekening moeten houden
met een grote vervolging, waarvan de Romeinse keizers Nero en Calligula destijds slechts een voorproefje hebben gegeven, maar die
in de ,ymyh tyrxa Acharit haYamim [de laatste
dagen] een ongekend hoogtepunt zal bereiken in wreedheid! Bij wie van ons komen
bij deze toekomstverwachting niet ook onmiddellijk de twee vragen op, die reeds
door de discipelen aan Yeshua werden gesteld: “Zeg
ons, wanneer zal dat geschieden, en wat is het teken, wanneer al deze dingen in
vervulling zullen gaan?” (Marcus 13:4). Op de eerste vraag naar het wanneer
gaf Yeshua het antwoord: “Van die dag of van die ure weet niemand,
ook de engelen in de hemel niet, ook de Zoon niet, alleen de Vader!”
(Marcus 13:32). Dit antwoord verbiedt ons iedere berekening van het tijdstip
van Zijn wederkomst. Zo hebben dan ook alle berekeningen tot nu toe gefaald.
Een soortgelijke vraag beantwoordde Yeshua nog vlak voor Zijn hemelvaart met de
woorden: “Het is niet uw zaak de tijden
of gelegenheden te weten, waarover de Vader de beschikking aan Zich gehouden
heeft” (tvlipm Mif’alot [Handelingen]
1:7). In plaats daarvan roept Hij ons op waakzaam te zijn, omdat Hij onverwacht
zal komen als een dief in de nacht, en onberekenbaar als een bliksemschicht aan
de hemel! Yeshua gaf ons wel het advies om de profeet Daniël hierover te
raadplegen: “En tot het einde toe zal er
strijd zijn: verwoestingen, waartoe vast besloten is. En hij [G’ds
tegenstander] zal het verbond voor velen
zwaar maken, een week lang; in de helft van de week zal hij slachtoffer en
spijsoffer doen ophouden; en op een vleugel van gruwelen zal een verwoester
komen, en wel tot aan de voleinding toe, en waartoe vast besloten is, dat zal
zich uitstorten over wat woest is” (laynd Dani’el [Daniël]
9:26b-27). Als wij de sleutel voor het ontsluiten van de eindtijdprofetieën
hanteren, die wij in laqzxy Yechez’qel [Ezechiël] 4:6
en in rbdmb Bamidbar [Numeri] 14:34
vinden, namelijk dat 1 dag gelijk staat aan 1 jaar, dan omvat de door Daniël
genoemde week een periode van 7 jaar. Door de komst van de “gruwel der
verwoesting”, de antichrist, in de helft van de jaarweek, wordt deze verdeeld
in twee periodes van elk 3½ jaar, te weten de kleine en de grote verdrukking.
En met name over deze laatste 3½ jaar heeft Yeshua het in Matthéüs 24! Ook enkele teksten
uit Openbaring spreken over deze periode van 3½ jaar, die gelijk staat aan 42
maanden of 1260 dagen en ook wel genoemd wordt: een tijd, tijden en een halve
tijd: “En mij werd een riet gegeven, een
staf gelijk, met de woorden: Sta op en meet de tempel G’ds en het altaar en
hen, die daarin aanbidden. Maar laat de voorhof, die buiten de tempel is,
erbuiten, en meet die niet; want hij is aan de heidenen gegeven; en zij zullen de
heilige stad vertreden, tweeënveertig maanden lang. En Ik zal Mijn twee
getuigen lastgeven om, met een zak bekleed, te profeteren, twaalfhonderd zestig
dagen lang.” (]vyzx Chizayon [Openbaring]
11:1-3). “En hem [de antichrist] werd een mond gegeven, die grote woorden en
g’dslasteringen spreekt; en hem werd macht gegeven dit tweeënveertig maanden
lang te doen.” (hoofdstuk 13, vers 5). Yeshua zegt dus niets over het tijdstip van
Zijn komst, maar de Bijbel zegt wél veel over de 3½ jaar, die daaraan voorafgaan!
Tekenen
van Zijn komst
Maar dan beantwoordt Yeshua de tweede vraag
naar de tekenen die Zijn komst aankondigen met het feit dat net als aan een
geboorte van een kind ook aan de wedergeboorte van de wereld weeën zullen
voorafgaan. Als weeën noemt Hij onder andere oorlogen en geruchten over
oorlogen, hongersnood, aardbevingen en andere natuurrampen. Nu kunt u wel
zeggen dat er altijd al oorlogen en rampen zijn geweest. Dat klopt, en dat had
ook als uitwerking dat Zijn wederkomst door de eeuwen heen steeds als nabij
zijnde werd verwacht, wat ook Zijn bedoeling was om ons waakzaam te houden.
Maar zij zijn in omvang en verschrikking wel van eeuw tot eeuw toegenomen en nu
pas zijn wij zover dat de wereldwijde milieuvervuiling en een kernoorlog in
staat zijn om de profetieën uit Openbaring letterlijk te doen uitkomen.
Opname
vóór de Grote Verdrukking?
Maar wat zou Yeshua nu bedoelen met
Zijn opmerking dat de één zou worden aangenomen (in sommige vertalingen staat: meegenomen) en één zou worden
achtergelaten? Heeft Hij het hier soms over een evacuatie? Het lijkt er wel op
want in dit verband spreekt Hij namelijk ook over de ark van Noach, waarin G’ds
uitverkorenen zijn ontsnapt aan de zondvloed. Ook een andere uitspraak van Yeshua wijst in die
richting: “Omdat gij het bevel bewaard
hebt om Mij te blijven verwachten, zal ook Ik u bewaren voor de ure der
verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de
aarde wonen. Ik kom spoedig; houdt vast wat gij hebt, opdat niemand uw kroon
neme!” (]vyzx Chizayon [Openbaring]
3:10-11). Yeshua noemt de Grote verdrukking hier “ure der verzoeking”. Hij zegt hier echter niet dat de gelovigen
bewaard worden voor de verzoeking, maar voor het uur van de verzoeking. Dat betekent namelijk dat zij niet in dat
uur komen! Letterlijk staat er in de grondtekst dan ook niet “voor”, maar “uit de ure der verzoeking”. Het voorzetsel ek ek duidt in het Grieks een beweging van
binnen naar buiten aan, maar heeft in dit verband de betekenis van “buiten
blijven”. Het is dus eigenlijk zo gek nog niet dat bij veel gelovigen hierdoor
de vraag oprijst, of de Gemeente van Yeshua gedurende de tijd van de Grote
Verdrukking, wanneer de mensheid haar meest duistere periode beleeft, überhaupt
nog hier zal zijn. Een deel van de Gemeente helaas wél, want Matthéüs 24 en
Marcus 13 laten er geen twijfel over dat in de jaren van ongekende rampspoed
die voorafgaan aan de terugkeer van Yeshua, niet alleen Joden, maar óók christenen
vervolgt en vermoord zullen worden omwille van het Evangelie. Openbaringen
13:7-8 spreekt eveneens hierover: “En hem
[de antichrist] werd gegeven om tegen de heiligen oorlog te voeren en
hen te overwinnen; en hem werd macht gegeven over elke stam en natie en taal en
volk. En allen, die op de aarde wonen, zullen het beest aanbidden, ieder, wiens
naam niet geschreven is in Sefer haChayim [het boek des levens] van het Lam, dat geslacht is sedert
de grondlegging der wereld.” -
En toch hebben wij de belofte, dat de Eeuwige ons op Zijn tijd “uit de ure der verzoeking” ofwel uit de
verdrukking zal wegnemen. Deze belofte vinden wij ook in 1 Korinthiërs 10:13
terug. G’d zal niet toelaten dat wij boven vermogen verzocht worden, maar Hij
geeft met de verzoeking ook de uitkomst! Hij trekt ons eruit en kan ons er ook
voor bewaren, want Hij heeft beloofd: “Ter
wille van de uitverkorenen zullen die dagen worden ingekort”. De zeven
jaren zullen voor de uitverkorenen, wiens naam in Sefer haChayim [het boek des
levens] staat, worden gehalveerd,
zodat zij maar de eerste 3½ jaar hoeven mee te maken. Maar wie zijn deze
uitverkorenen? Zijn het de christenen, die van zichzelf denken dat ze in G’ds
heilsplan de plaats van de Joden hebben ingenomen? Is het de Kerk die in de
plaats van Israël zou zijn gekomen? De Engel van de Eeuwige gaf het antwoord op
deze vraag aan de profeet Daniël: “Te
dien tijde zal Micha’el
[Michaël] opstaan, de grote vorst, die de zonen van uw volk terzijde staat; en
er zal een tijd van grote benauwdheid zijn, zoals er niet geweest is sinds er
volken bestaan, tot op die tijd toe. Maar
in die tijd zal uw volk ontkomen: al wie in het boek geschreven wordt bevonden!”
(laynd Dani’el [Daniël] 12:1). Daniël was een
Israëliet en als de Engel het heeft over “uw
volk”, dan bedoelt Hij uiteraard het volk Israël, althans het gelovige deel
daarvan. Een ander bewijs voor de Joodse identiteit van de Gemeente, die in
veiligheid zal worden gebracht, vinden wij in Openbaring 12:1-17:
“En er werd een groot teken in de hemel
gezien: een vrouw, met de zon bekleed, met de maan onder haar voeten en een
krans van twaalf sterren op haar hoofd; en zij was zwanger en schreeuwde in
haar weeën en in haar pijn om te baren. En er werd een ander teken in de hemel
gezien, en zie, een grote rossige draak met zeven koppen en tien horens, en op
zijn koppen zeven kronen. En zijn staart sleepte een derde van de sterren des
hemels mede en wierp die op de aarde. En de draak stond voor de vrouw, die
baren zou, om, zodra zij haar kind gebaard had, dit te verslinden. En zij
baarde een zoon, een mannelijk wezen, dat alle heidenen zal hoeden met een
ijzeren staf; en haar kind werd plotseling weggevoerd naar G’d en Zijn troon.
En de vrouw vluchtte naar de woestijn, waar zij een plaats heeft, door G’d
bereid, opdat zij daar twaalfhonderd
zestig dagen onderhouden zou worden. En er kwam oorlog in de hemel; Micha’el [Michaël] en zijn engelen hadden oorlog te voeren tegen de
draak; ook de draak en zijn engelen voerden oorlog, maar hij kon geen
standhouden, en hun plaats werd in de hemel niet meer gevonden. En de grote
draak werd op de aarde geworpen, de oude slang, die genaamd wordt duivel en de
satan, die de gehele wereld verleidt; hij werd op de aarde geworpen en zijn
engelen met hem. En ik hoorde een luide stem in de hemel zeggen: Nu is
verschenen het heil en de kracht en het koningschap van onze G’d en de macht
van Zijn Gezalfde; want de aanklager van onze broeders, die hen dag en nacht
aanklaagde voor onze G’d, is nedergeworpen. En zij hebben hem overwonnen door
het
Wegname
en vervolgens opname?
De vlucht van de vrouw wordt vaak in
verband gebracht met de wegvoering van haar Zoon naar G’ds troon in de hemel en
men redeneert dat de hemelvaart van Yeshua eigenlijk ook de hemelvaart van de
Gemeente insluit, omdat Yeshua zelf gezegd heeft: “In
het huis van Mijn Vader zijn vele woningen, anders zou Ik het u gezegd hebben,
want Ik ga heen om u plaats te bereiden; en wanneer Ik heengegaan ben en u
plaats bereid heb, kom Ik weder en zal u tot Mij nemen opdat ook gij zijn
moogt, waar Ik ben” (]nxvy Yochanan [Johannes]
14:2-3). Zo ontstond het geloof in de opname van de gemeente, hoewel dit begrip
in de hele Bijbel nergens voorkomt, de opname in de hemel wel te verstaan. Men
beroept zich hiervoor met name op de volgende tekst: “Want indien wij geloven,
dat Yeshua gestorven en opgestaan is, zal G’d
ook zó hen die ontslapen zijn, door Yeshua
wederbrengen met Hem. Want dit zeggen wij u met een woord van de Eeuwige: wij,
levenden, die achterblijven tot de komst van Adonai, zullen in geen geval de ontslapenen voorgaan, want de Eeuwige zelf
zal op een teken, bij het roepen van een aartsengel en bij het geklank ener Shofar G’ds, nederdalen van de hemel, en zij, die in
de Mashiach gestorven zijn, zullen het eerst
opstaan; daarna zullen wij, levenden, die achterbleven, samen met hen op de
wolken in een oogwenk weggevoerd worden, de Eeuwige tegemoet in de lucht, en zó
zullen wij altijd met de Eeuwige wezen.” (1 Tessalonicenzen 4:14-17). Deze opname, die hier
beschreven wordt, kan echter nooit vóór de Grote Verdrukking plaats vinden,
omdat ergens anders geschreven staat dat het zal geschieden bij het blazen van
de laatste Shofar: “Zie,
ik deel u een geheimenis mede. Allen zullen wij niet ontslapen, maar allen
zullen wij veranderd worden, in een ondeelbaar ogenblik, bij de laatste Shofar,
want de Shofar zal klinken en de doden zullen
onvergankelijk opgewekt worden en wij zullen veranderd worden” (1
Korinthiërs 15:52). “Laatste” wil zeggen dat er daarna geen Shofar meer geblazen zal worden. Maar wij lezen
elders, dat ook de wederkomst van de Mashiach
zal plaats vinden bij het blazen van een Shofar,
en dat is dus ná de Grote Verdrukking: “En
dan zal het teken van de Zoon des mensen verschijnen aan de hemel en dan zullen
alle stammen der aarde zich op de borst slaan en zij zullen de Zoon des mensen
zien komen op de wolken des hemels, met grote macht en heerlijkheid. En Hij zal
Zijn engelen uitzenden met luid shofargeschal en zij
zullen Zijn uitverkorenen verzamelen uit de vier windstreken, van het ene
uiterste der hemelen tot het andere.” (vhyttm Matityahu [Matthéüs] 24:30-31). In Openbaringen 8-11
wordt aangekondigd, dat er zeven Shofarim
[ramshoorns] geblazen zullen worden, hetgeen de laatste zeven jaar vóór de
wederkomst van de Mashiach aanduidt. Over de laatste Shofar
lezen wij: “En de zevende engel blies de Shofar en luide stemmen klonken in de hemel, zeggende: Het koningschap over de wereld is
gekomen aan Adonai en aan Zijn
Gezalfde, en Hij zal als Koning heersen tot in alle eeuwigheden! (]vyzx Chizayon [Openbaring] 11:15). Verder lezen wij, dat
de opname gepaard zal gaan met de opstanding van de ontslapen gelovigen. Ook
dit is een bewijs dat de opname niet vóór de Grote Verdrukking kan plaats
vinden, en wel om twee redenen: ten eerste is de wegname bedoeld als evacuatie.
G’d gaat Zijn uitverkorenen in veiligheid brengen! De zielen van de ontslapenen
zijn al in veiligheid. Het zou nergens op slaan als zij eerst de hemel zouden
verlaten om uit het graf op te staan en vervolgens in een oogwenk weer terug
zouden keren naar de hemel. Ten tweede zou een opstanding der doden vóór de
Grote Verdrukking in strijd zijn met Openbaring 20:4-6, waarin wij lezen: “En ik zag tronen,
en zij zetten zich daarop, en het oordeel werd hun gegeven; en ik zag de zielen
van hen, die onthoofd waren om het getuigenis van Yeshua en om het woord van
G’d, en die noch het beest noch zijn beeld hadden aangebeden en die het
merkteken niet op hun voorhoofd en op hun hand ontvangen hadden; en zij werden
weder levend en heersten als koningen met de Mashiach, duizend jaren lang. De overige doden werden niet weder
levend, voordat de duizend jaren voleindigd waren. Dit is de eerste opstanding! Zalig en heilig is hij, die deel heeft
aan de eerste opstanding: over hen heeft de tweede dood geen macht, maar zij
zullen priesters van G’d en van de Mashiach zijn en zij zullen met Hem als koningen heersen, die
duizend jaren.” - Er wordt hier
nadrukkelijk gesproken over de eerste opstanding en dus kan er onmogelijk een
eerdere opstanding geweest zijn. Er zijn maar twee opstandingen, namelijk de
éérste vóór het duizendjarig vrederijk, dat zijn alle gelovigen vanaf de
grondlegging der wereld, en de twééde daarna
pas, namelijk de opstanding van de ongelovigen op de dag des oordeels! Zo
kan de opname van de Gemeente in de
wolken, die ná de Grote Verdrukking plaats vindt, als Yeshua terugkomt, niet hetzelfde zijn als de wegname van de Gemeente vóór de Grote
Verdrukking! Dat zijn twee verschillende gebeurtenissen, waarbij ik met klem
moet benadrukken, dat de wegname nu elk moment kan gebeuren! Het advies van Yeshua om waakzaam te zijn moeten wij dus beslist niet
in de wind slaan!
Schuilplaats
op aarde, niet in de hemel
Het idee dat de Gemeente zich na de
opname in de hemel zou bevinden, leeft al heel lang, maar als wij de Bijbel
erover ernstig onderzoeken en ook ons door G’d gegeven verstand gebruiken,
moeten wij echter concluderen dat dit niet mogelijk is om diverse redenen. Als
wij ervan uitgaan dat de opstanding van de doden pas ná de Grote Verdrukking
plaats vindt, dan zijn van deze gelovigen tot die tijd slechts hun zielen in
het hemelse paradijs, terwijl hun lichaam nog in het graf ligt. De levende
gelovigen worden echter reeds vóór de Grote Verdrukking weggenomen en naar een
veilige plaats gebracht. Als deze schuilplaats zich inderdaad in de hemel zou
bevinden, dan zou dit betekenen dat daar tegelijkertijd twee groepen gelovigen
zouden zijn: de levenden mét lichaam en de zielen van de ontslapenen zonder
lichaam. Dat lijkt mij echter zeer onwaarschijnlijk. Bovendien zegt Sha’ul [Paulus]
nadrukkelijk, dat de levenden de ontslapenen geenszins voor zullen gaan. Ik ben
daarom de mening toegedaan dat de schuilplaats zich ergens hier op aarde zal
bevinden. Ook het hoogpriesterlijke gebed wijst in die richting, waarin Yeshua bad tot Zijn
Vader voor de Gemeente in verband met de Grote Verdrukking: “Ik bid niet dat Gij hen uit de wereld
wegneemt, maar dat Gij hen bewaart voor de boze.” (]nxvy Yochanan [Johannes] 17:15). Het gaat dus
om het bewaren, het in veiligheid brengen van de uitverkorenen, niet om een
wegnemen van deze aarde. Heel mysterieus blijft echter dat de vrouw, de edele
olijf met al haar natuurlijke en geënte takken buiten het gezicht van de slang
gebracht zal worden naar haar plaats waar zij onderhouden wordt. Wat en waar is
deze schuilplaats? In lavy Yo’el [Joël] 3:16
lezen wij: “Maar de Eeuwige is een
schuilplaats voor Zijn volk en een veste voor de kinderen Israëls”. Mijn
gedachten gaan als vanzelf naar een bijzondere overschaduwing van G’d, want er
wordt ook zo vaak gesproken en gezongen over een schuilen onder G’ds vleugelen.
Ook moet ik denken aan Openbaring 13:6, waarin de antichrist zijn machteloze
woede uit: “En het beest opende zijn mond
tot lasteringen tegen G’d, om Zijn naam te lasteren en Zijn tent en hen, die in
de hemel wonen.” - De uitdrukking “tent”, in het Hebreeuws ]k>m Mishkan, hetgeen ook “tabernakel”
betekent, duidt op het wonen van G’d temidden van Zijn volk op aarde. Het is
een afzondering van een gebied waar de vijand niet kan doordringen, want het is
de overschaduwing van de Eeuwige over het geheiligd en uitverkoren deel van de
gelovigen op aarde, waarover Hij Zijn tent gespannen heeft! Het feit, dat het
beest “de tent”, dus de schuilplaats van de Gemeente en “de hemelbewoners”,
dat zijn de engelen en de zielen van de ontslapen gelovigen apart noemt bij
zijn lastering, geeft aan dat de tent zich hier op de aarde zal bevinden en
niet in de hemel en dat het juist deze tent op aarde is, die de antichrist tot
razernij en g’dslastering brengt: 1260 verschrikkelijke dagen lang!
De
Dag des HEREN
En dan komt eindelijk de langverwachte
“Dag des HEREN”, de dag die voor Israël het heil en de verlossing zal brengen,
maar voor de vijanden van Israël het oordeel en totale vernietiging! De zevende
Shofar wordt geblazen
en de indrukwekkende stem van een aartsengel zal weergalmen. Volgens een oude Midrash is dit een
commando, een oproep tot de doden om op te staan! Het doordringende geluid van
de Shofar
met
zijn hakkelende en langgerekte tonen is een signaal, dat oproept tot de strijd,
maar ook tot waakzaamheid! Het kondigt tevens de komst van de Koning aan! Moge de ramshoorn ook ons
oproepen om te strijden tegen de machten der duisternis in de wereld, maar ook
in ons hart! De doden staan op! Allen die tot de Gemeente van Eeuwige behoren:
het zijn de gelovigen van beide verbonden, van alle eeuwen en van alle volken!
De opstanding van de gelovigen in een nieuw, verheerlijkt lichaam zal dus éérst
plaats vinden en daarna zullen de op dat moment nog in leven zijnde gelovigen,
zowel degenen in de schuilplaats alsook degenen die zich nog in de verdrukking bevinden,
in één ondeelbaar ogenblik veranderd worden en eveneens een verheerlijkt
lichaam ontvangen en samen worden zij op de wolken weggevoerd, de aankomende Mashiach tegemoet, die met een ontelbaar engelenleger
uit de hemel zal nederdalen. Zij zullen Hem inhalen als Koning! Hun ontmoeting
zal plaatsvinden in de lucht en zij zullen zich in slagorde achter hun Koning
opstellen! Terwijl de wegname van de gemeente vóór de Grote Verdrukking als
evacuatie was bedoeld, hebben wij nú met de opname van de gemeente te maken met
de komst van de Koning, die Zijn legers bij Zich roept om aan te vallen! Yeshua zal met het blazen van de zevende en laatste Shofar uit Openbaring 11:15-19 direct in het
wereldgebeuren ingrijpen: “En de Eeuwige, mijn G’d, zal komen, en alle heiligen met
Hem!” (hyrrkz Zechar’ya [Zacharia] 14:5b). - Reeds Henoch heeft daarvan
volgens hdvhy Yehuda [Judas] 1:14 geprofeteerd
met de woorden: “Zie,
de Eeuwige is gekomen met zijn heilige tienduizenden, om over allen de
vierschaar te spannen en alle g’ddelozen te straffen voor al hun g’ddeloze
werken, die zij g’ddeloos bedreven hebben, en voor al de harde taal, die de
g’ddeloze zondaars tegen Hem gesproken hebben.” Yeshua zal komen in een
tijd van wereldomvattende oorlog, die toegespitst zal zijn op Israël, het enige
land waarvan de Eeuwige gezegd heeft dat het Zijn land is! En Hij zal
komen om de vijanden van Israël te verpletteren en Zijn koningschap te
herstellen: “Want zie, in die dagen en te
dien tijde, wanneer Ik een keer zal brengen in het lot van Yehuda [Juda] en van Yerushalayim [Jeruzalem] zal Ik alle volken verzamelen en afvoeren naar
het dal van Yehoshafat
[Josafat], en Ik zal aldaar met hen in het gericht treden ter oorzake van Mijn
volk en van Mijn erfdeel Israël, dat zij onder de volken verstrooid hebben,
terwijl zij Mijn land verdeelden...” (lavy Yo’el [Joël] 3:1-2) “Dan zal de Eeuwige uittrekken om tegen die volken te strijden, zoals
Hij vroeger streed, ten dage van de krijg; Zijn voeten zullen te dien dage
staan op de Olijfberg, die voor Jeruzalem ligt aan de oostzijde; dan zal de
Olijfberg middendoor splijten.” (hyrrkz Zechar’ya [Zacharia]
14:3-4). Het was deze Olijfberg, waarop Yeshua destijds ten
hemel gevaren is, en op de zelfde Olijfberg zal Hij opnieuw met Zijn voeten
staan wanneer Hij uit de hemel neder zal dalen om Zijn volk Israël te bevrijden
en de vijanden van Israël uit te roeien: “Dan
zal dit de plaag zijn, waarmee de Eeuwige alle volken zal treffen, die tegen
Jeruzalem zijn uitgerukt: Hij zal ieders vlees, terwijl hij nog op zijn voeten
staat, doen wegteren, en ieders ogen zullen wegteren in hun kassen, en ieders
tong zal wegteren in zijn mond!” (hyrrkz Zechar’ya [Zacharia]
14:12). Openbaring 19:11-14 en 19-21 bericht hierover: “En ik zag de hemel geopend, en zie, een wit paard; en Hij, die daarop
zat, wordt genoemd Getrouw en Waarachtig, en Hij velt vonnis en voert oorlog in
gerechtigheid. En Zijn ogen waren een vuurvlam en op Zijn hoofd waren vele
kronen en Hij droeg een geschreven naam, die niemand weet dan Hijzelf. En Hij was
bekleed met een kleed, dat in bloed geverfd was, en Zijn naam is genoemd: het
Woord G’ds. En de heerscharen, die in de hemel zijn, volgden Hem op witte
paarden, gehuld in wit en smetteloos fijn linnen. - En ik zag het beest en de
koningen der aarde en hun legerscharen verzameld om de oorlog te voeren tegen
Hem, die op het paard zat, en tegen Zijn leger. En het beest werd gegrepen en
met hem de valse profeet, die de tekenen voor zijn ogen gedaan had, waardoor
hij hen verleidde, die het merkteken van het beest ontvangen hadden en die zijn
beeld aanbaden; levend werden zij beiden geworpen in de poel des vuurs, die van
zwavel brandt.” - Die dag zal komen, en Yeshua roept ons op om waakzaam te zijn. Eens
zullen alle mensen op aarde een keuze moeten maken voor het zegel van de
Eeuwige, de G’d van Israël of voor het merkteken van het beest! Yeshua zegt: “Zie, Ik kom spoedig en Mijn
loon is bij Mij om een ieder te vergelden, naardat zijn werk is. Ik ben de alef en de tav, de eerste en de laatste, het begin
en het einde. Zalig zij, die hun gewaden wassen, (Statenvertaling: “die Zijn geboden doen”) opdat zij recht mogen hebben op het geboomte des levens en door de
poorten ingaan in de stad.” (]vyzx Chizayon [Openbaring]
22:12-14). Amen!